Het is al een tijdje wat rustiger op dit weblog. Dat komt vooral door veel interessante projecten en publicaties elders: een artikel over het EPD 2.0, workshops over zelfmanagement, een onderzoek naar het landelijk EPD voor de WRR en de expertmeeting EPD in de Eerste Kamer. Hierover meer in deze post. Lees verder »
Ketengericht werken was een aantal jaren geleden een echte hype. Iedereen had het erover. Momenteel is web 2.0 of zorg 2.0 ontzettend populair. In essentie draait het bij beide begrippen om hetzelfde: samenwerken en de mens centraal stellen. In alle theorie over, en praktijkvoorbeelden van, ketensamenwerking is er vooral aandacht voor de samenwerking tussen professionals voor de klant. Dat voor de klant werken wordt dan vaak ook voor de klant denken in plaats van met de klant denken. Kortom, vaak ligt er nog een wat paternalistische gedachte ten grondslag aan ketengericht werken. Of kun je het zien als een vorm van consumentisme.
Elektronische Patiënten Dossiers zijn hiervan vaak een voorbeeld. Het landelijke EPD diende in eerste instantie ter verbetering van de informatie-uitwisseling en daarmee samenwerking tussen zorgprofessionals. De patiënt werd echter niet gezien als een onderdeel van deze keten. Hij of zij moest uiteindelijk wel de voordelen van een EPD merken door minder medische fouten en het niet keer op keer opnieuw moeten aanleveren van zijn medische gegevens. Maar zelf kon hij zijn gegevens niet inzien, laat staan dat hij zelf de informatieketen kon vormgeven en aansturen. Inmiddels heeft de minister, mede door het debat over zorg 2.0, zijn plannen gewijzigd en is patiënttoegang tot het EPD prioriteit gemaakt. Maar het ontwerp van het landelijke EPD blijft voorlopig ‘1.0′: het sociale netwerk van de patiënt is geen onderdeel van de informatieketen.
Hoe kunnen we ketensamenwerking zo organiseren dat het ook de behoeften van de klant/cliënt/burger/patiënt 2.0 centraal staan? Waar kan de theorie over ketens de ‘zorg 2.0 ideeën’ versterken? Dit zijn de vragen waarmee ik naar het herfstseminar van Innovatie Anders ga. Want het seminar op 14 oktober is getiteld: ‘nieuw denken over ketens’. Daar waar de vorige bijeenkomsten gingen over zorginnovatie en health 2.0 in de praktijk, probeert dit seminar een ‘andere’ kijk op ketengericht werken te bieden. Aan de hand van praktijkvoorbeelden gaan mensen tijdens werksessies in gesprek over wat nu de succesfactoren van ketensamenwerking zijn. Zelf geloof ik vooral in de kracht van het sociale netwerk van de burger en het voortdurend in contact blijven met zijn of haar leefwereld. Maar ik ben natuurlijk zeer benieuwd naar de verhalen van de andere deelnemers. Ik hoop u dan ook op 14 oktober te ontmoeten. En wie er niet bij kan zijn: reageer op dit artikel, start een discussie op de Innovatie Anders-groep op LinkedIn, of volg ons op die dag via Twitter.
Het is een tijdje erg rustig geweest op dit weblog. Ik heb me een paar maanden volledig op mijn promotieonderzoek gestort en daar paste bloggen even wat minder bij. Vanaf nu hoop ik weer meer artikelen te schrijven. Laat ik beginnen met een presentatie die ik onlangs gaf aan het bestuur van een patiëntenvereniging (LVN):
Resultaat van de workshop was dat duidelijk werd dat alle ontwikkelingen op het gebied van e-health (epd’s, health 2.0, telemedicine, enz.) geen technische aangelegenheid zijn, maar gepaard gaan met veranderingen in verhoudingen in de zorg. En vragen om een herbezinning op de het hoe en waarom van een patiëntenvereniging. Ik vind het belangrijk dat patiëntenvereniging zich hiervan bewust zijn, want ze kunnen de dialoog over health 2.0 op gang helpen en aan artsen en patiënten laten zien welke nieuwe kansen er liggen en wat dat betekent voor de rol van arts en patiënt. De zogenaamde ‘early adopters’ vinden zelf wel hun weg in alle mogelijkheden, maar er is ook een groep die eerst overtuigd moet worden van hoe eHealth anderen helpt tijdens hun genezingsproces, voordat zij zelf de kansen benutten die er zijn.
Vandaag publiceert de Nederlandse Patiënten Consumenten Federatie (NPCF) om tien uur een onderzoeksrapport over de bekendheid en populariteit van het landelijk Elektronisch Patiënten Dossier (l-EPD). TNS Nipo vroeg 1236 Nederlanders of zij op de hoogte zijn van de komst van het l-EPD, wat zij denken dat dat allemaal precies zal in gaan houden en wat zij daarvan vinden. Ik heb het onderzoeksrapport reeds sinds vrijdag in mijn bezit en kan hier dus alvast een reflectie op de resultaten geven. Vanaf 10 uur vandaag kunt u het rapport downloaden van de website van de NPCF. Lees verder »
In het nieuwe nummer van “Vraag in Beeld“, het magazine van de NPCF, staat een interview met mij over de coachende arts en de arts-patëntrelatie ‘2.0′. Het artikel is hier te downloaden.
Grappig genoeg denken veel mensen dat Google en Microsoft baanbrekend waren toen zij met hun Persoonlijke Patiënt Dossiers op de markt kwamen. Maar dat is geheel niet het geval, zo laat bijvoorbeeld een artikel van Matthew Kim en Kevin Johnson zien. Iedere willekeurige internetgebruiker had al in 2002 de keuze uit meerdere Persoonlijke Patiënt Dossiers. Toegegeven, deze dossiers wisselden sterk in kwaliteit en voldeden niet altijd aan de hoogste kwaliteitsnormen. Maar toch, internetgebruikers hebben al jaren de mogelijkheid om medische gegevens online op te slaan en/of in te zien.
Vooral bijzonder aan de Persoonlijke Patiënt Dossiers van Google en Microsoft was alle media-aandacht die met de lancering gepaard ging. Hierdoor werd de mogelijkheid van het (kosteloos) creëren van een Persoonlijke Patiënt Dossier bij een breder publiek bekend. En in het verlengde daarvan: er volgde een interessante discussie in media en politiek over nut en toekomst van het landelijke Elektronisch Patiënt Dossier. Die discussie blijft bestaan, ook nu de invoering van landelijk EPD (tijdelijk) stil ligt. En terwijl de Nederlandse burger het idee heeft dat er op EPD-gebied alleen maar wordt gepraat, gepraat en nog eens gepraat, kom je zo tijdens je literatuurstudie diverse voorbeelden tegen van zorginstellingen die gewoon doen. Lees verder »
Amir Hannan is een levend voorbeeld van een health 2.0 arts, zoveel is me na een interview met hem wel duidelijk. Vandaag deel 2 uit deze serie over deze Engelse huisarts, die middels patiënttoegang tot een EPD zijn patiënten probeert te emanciperen tot gelijkwaardige gesprekspartners. Hoe denkt Amir Hannan over de veranderende rollen binnen de arts-patiëntrelatie? Hoe ziet een arts 2.0 eruit? Lees verder »
Vandaag vindt in Den Haag een door het Nictiz georganiseerd seminar over health 2.0 plaats. Wie meer wil weten over het seminar, of mee wil praten over health 2.0 kan daarvoor naar het speciaal voor het seminar ingerichte health2.0 forum. Ik geef een presentatie over health 2.0 en de arts-patiëntrelatie. De vragen die centraal zullen staan: “waarom is de arts-patiëntrelatie belangrijk?” en “wat is de toegevoegde waarde van health 2.0 daarbij?”. De sheets van de presentatie zijn hieronder te zien.
Virtuele zorg draait om interactie tussen mensen en het online uitwisselen van informatie. Die informatie-uitwisseling gebeurt om verschillende redenen: ter voorkoming van medische fouten, ter verbetering van de bedrijfsvoering, ter ontwikkeling van kennis, met als doel behandelresultaten te verbeteren en om het welzijn van mensen te verhogen. In de zorg wordt dat laatste doel van informatie-uitwisseling vaak over het hoofd gezien. Dit komt doordat zorginstellingen voornamelijk gericht zijn op gezondheid, terwijl zorgconsumenten vaak veel sterker gefocust zijn op welzijn. Beleidsmakers in de zorg zouden bewuster moeten nadenken over hoe met dit belangrijke verschil in focus om te gaan. Te vaak wordt nu gesproken van ‘patiëntgerichte’ ICT-toepassingen die in wezen niet gericht zijn op de leefwereld van de zorgconsument. Het Elektronisch Patiënten Dossier is hier een mooi voorbeeld van. Lees verder »