Symposium “de toekomst van professionele zorg”
Bettine June 12th, 2009
Gisteren vond in Apeldoorn het symposium “de toekomst van professionele zorg” plaats. Linda Spaans, momenteel stagiair bij Zenc, ging erheen en schreef voor deze website een verslag. Linda doet onderzoek naar de opvattingen van verschillende stakeholders ten aanzien van het landelijk Elektronisch Patiëntendossier. Dit met als doel aanbevelingen te doen over de toekomstige invoering van het EPD. Hierover op deze site later meer - hieronder het verslag van het symposium.
Verslag door gastblogger Linda Spaans
Welkom door Henk Nies
Het zorgstelsel is in deze tijd zeer belangrijk en er gaat dan ook veel geld in om. Maar voldoet het huidige stelsel naar wel aan de doelen waarvoor het bedoeld is? Je ziet nu namelijk dat de professional gevangen is door verschillende loyaliteiten: organisatie, cliënt, beroepsgroep, samenleving, financiering en kwaliteit. Dit levert vele spanningsvelden op. Door deze spanningsvelden zie je de vervreemding van de zorgprofessional met zijn werk en de betutteling van het systeem, dat gebaseerd is op wantrouwen. Hierin liggen de mogelijkheden voor verandering. De zorg moet teruggegeven worden aan de professionals, zelfmanagement door cliënten moet worden gestimuleerd en de menselijke relatie moet benadrukt worden. Er moet weer teruggegaan worden naar de kern van de zorg.
Margo Brouns (dagvoorzitter)
Aanleiding voor het symposium “de toekomst van professionele zorg” is een herdenking van het optreden van minister Syb Talma als vernieuwer van sociale zekerheid. Talma had het zo’n honderd jaar geleden over dezelfde zaken als de huidige thema omtrent verbetering in de zorg. Namelijk dat de basisvoorzieningen voor de zorg goed geregeld moeten worden, tot het einde van iemands leven. Hierbij is het van belang dat iemand nog steeds eigen verantwoordelijkheid en burgerschap heeft. Het is dus niet de bedoeling dat de zorg over wordt genomen van iemand, zoals vaak het geval is (geweest). Talma kan ons zeker nu nog wat leren. Later op de dag is ter inspiratie een documentaire getoond over Talma.
Claudia Zuiderwijk (voorzitter Tergooiziekenhuizen)
Verantwoordelijkheid dient terug te worden gegeven aan de hulpbehoevende. Er kan hierbij veel geleerd worden van het onderwijs, maar dat gebeurt om de een of andere reden niet of onvoldoende. Iemand uit de zaal vraagt of het niet irreëel is om van een 80-jarige vrouw te verwachten dat zij zelf voor haar zorg kiest? Claudia vindt van niet, maar het is wel erg lastig. Dit komt omdat we er nu ver vanaf staan. Daarom moeten we doorzetten.
Vergelijken tussen ziekenhuizen is op het moment erg lastig, het is eigenlijk appels met peren vergelijken. Er zijn natuurlijk wel bepaalde scorelijsten, maar die geven eigenlijk geen goed beeld. Kwaliteit is namelijk zeer lastig te meten.
Hoe er in een ziekenhuis wordt omgegaan met patiënten, is afhankelijk van de cultuur die er is. Het begint namelijk met hoe collega’s met elkaar omgaan. Er moet een warme cultuur zijn. Om hierop te letten in een ziekenhuis, is het van belang dat de cultuur constant onder de aandacht is en dat er ook daadwerkelijk wat mee gedaan wordt. Natuurlijk is dat lastig, vooral omdat specialisten vaak niet in loondienst werken maar voor een maatschap. Hier moet goed op ingespeeld worden. Bijvoorbeeld door gezamenlijke belangen te benadrukken en door fricties aandacht te geven. Er moet ingezien worden dat het gaat om het grote geheel en niet om de kleine eilanden die los van elkaar werken. Wanneer er tegengestelde prikkels blijven bestaan, is het lastig innoveren.
Marius Buiting (CBO)
Wat er ontbreekt in de zorg is high-performance, om een vergelijking te maken met de sportwereld.
Veranderingen in Nederland die doorwerken in de zorg:
- urbanisatie
- wegvallen sociale verbanden
- zeer hoog prikkelniveau samenleving
- hoge complexiteit: veel beïnvloeding
- toename synchronociteit: mensen hebben meerdere ziekten naast elkaar
De zorg reageert hierop door te proberen de werkelijkheid te beheersen, in plaats van dat er wordt meegegroeid met de nieuwe tijd. Hierdoor zijn er verschillende beheersingssystemen (kwaliteit, geld, enz.) aanwezig, die juist negatief werken. Het gaat namelijk allemaal om telbaarheid terwijl het moet gaan om mensen met zorg en wensen.
De nieuwe zorg:
- is mensgericht
- is leren in een mens-economisch model
- is denken in termen van nabijheid
- is denken in toegevoegde waarden
- er bestaat gaan standaardmens dus er is ook geen standaardprotocol
- draait om co-productiviteit
- moet gezien worden als maatschappelijke toegevoegde waarde en niet als kosten
- de passie moet weer terug in het vak
Uitreiking Talma Innovatieprijs
In de middag wordt de innovatieprijs uitgereikt. Leuk om alle verhalen over innovaties te horen, maar of het nu allemaal zo vernieuwend is vraag ik mij af. Zo betrof één nominatie een maaltijdproject waarbij eten in aparte bakjes wordt verpakt en niet meer in het standaard drievaksbakje. Een andere betrof een kaart waarbij zingevingsproblemen worden gesignaleerd, zodat niet onnodig snel tot medicijnen wordt overgegaan bij gebrek aan beter. En er was ook een nominatie voor het opzetten van een fitness- en een beweeggroep in een ouderenhuis. Ik heb geen medische achtergrond en kan hier misschien niet goed over oordelen, maar voor mij kwamen alle genomineerde projecten niet baanbrekend innovatief over.
Het symposium wordt duidelijk ingestoken vanuit het werkveld en de beleving van de zorgverlener. Een belangrijk geuit bezwaar was dat deze op het moment meer met andere dingen bezig is dan met zorg verlenen - dit moet weer teruggedraaid worden. Ook moet het weer gaan om individuele mensen, in plaats van om een patiëntnummer. En dan moeten deze mensen ook nog zelfstandiger gaan worden en zelf gaan kiezen voor een zorgverlener. Dit zijn op zich logisch klinkende gedachten, waar volgens mij iedereen wel achter staat. Toch miste ik in het hele verhaal soms de patiënt/cliënt/mens waar het uiteindelijk om draait. Hoe kunnen patiënten zelf kiezen en welke tools worden daarvoor beschikbaar gesteld? Mist hier niet een stukje ‘Health 2.0′? Omdat ik zelf onderzoek doe naar het Landelijk EPD vraag ik me ook af, hoe willen ze deze omslag in de zorgcultuur mogelijk gaan maken? Iedereen weet dat zo’n omslag niet in één keer mogelijk is. Maar wat zet je in om het mogelijk te gaan maken? Zal een EPD hier een bruikbare tool in zijn of juist niet? Hierover later meer, als ik op deze website de bevindingen van mijn onderzoek publiceer.
Reactie van een IT’er.
Ik vindt dit allemaal erg wollige praat op een hoog abstractieniveau. Eén kernpunt, waarmee ik op dit moment binnen mijn werk als IT’er wordt geconfronteerd, kan ik er wel uit halen.
Zo moet ik op dit moment proberen de interactie tussen klanten en een rekencentrum (patiënt - zorgverlener) te verbeteren.
De insteek is op dit moment ook op een hoog niveau, maar ik kom meer en meer tot de conclusie dat er eerst bottom up analyses en verbeteringen moeten worden doorgevoerd. Het nadeel is dan natuurlijk dat je het risico loopt dat verbeteringen niet in een groter geheel passen. Daar stel ik tegenover dat als je dit soort problemen top down benadert je uiteindelijke met veel regels en protocollen blijft zitten en een uiteindelijk een product levert dat niemand wil, of slechts voor een deel bruikbaar is en voor het overgrote deel alleen maar overlast bezorgt. Vaak worden met de top down benadering ook zaken op de werkvloer geïnstitutionaliseerd welke bij de start al fout waren.
Ik verwacht door een bottom up benadering beter inzicht te krijgen in de daadwerkelijk behoefte. Door het zo snel mogelijk implementeren van verbeteringen en extra hulpmiddelen zal op de werkvloer direct capaciteit vrijkomen om groei te kunnen opvangen dan wel kwaliteit te verhogen. Of zoals in de zorg vaker gebeurt bezuinigingen te effectueren.
Wel moet er in dit proces geacteerd worden door mensen die een oog hebben voor het grotere geheel. Dus bij elke verbetering die zij op de bottom mogelijk achten ook kijken of zij hier aanwijzingen in zien dat er aan top ook wat moet gebeuren. Als dit zo is moet de top van de organisatie met deze bevinding aan de slag om te kijken of zij hier een structurele wijziging van de organisatie uit kunnen formuleren. In feite benader je de aan te pakken problemen dus vanuit twee kanten. Zie het maar als de bouw van de kanaaltunnel. Daar werd ook van twee kanten geboord. Spannend, of je elkaar wel in het midden ontmoet, maar het gaat dubbel zo snel en er zijn direct vanaf het begin resultaten zichtbaar.
Daarnaast tendeert de top down benadering vaak na een bepaalde tijd in een mammoettanker die niet meer te stoppen is en zich vanuit de ingezette draai in de kademuur boort of op het strand loopt. Terwijl een goed gemonitorde bottom up benadering voldoende momenten bevat om kleine aanpassingen binnen het proces te verrichten.
En niet onbelangrijk. De werkvloer wordt vanaf het begin in het proces betrokken en heeft daar ook invloed op. Zij hoeven dan niet, als zo vaak, het gevoel te krijgen dat er de zoveelste reorganisatieshit over ze uitgestort wordt.